Woning, voorzieningen, economie, gronden, … Perspective verzamelt en analyseert de informatie die noodzakelijk is voor de ontwikkelingsstrategie van het Gewest.
De spelregels voor de stedelijke ontwikkeling in Brussel worden geformuleerd in verschillende verordenende en/of strategische instrumenten met gewestelijke of gemeentelijke draagwijdte.
Na een periode van sterke groei zou de schoolbevolking in Brussel geleidelijk aan een nieuwe fase van krimp ingaan. Recente bevolkingsprognoses laten een opvallende ontwikkeling zien, waardoor bij de planning van schoolplaatsen rekening moet worden gehouden met andere prioritaire parameters, zonder de concrete behoeften in het veld uit het oog te verliezen.
Een demografische ontwikkeling die radicaal verschilt met het verleden
Volgens de cijfers van het BISA zal het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in 2023-2024 260.844 leerlingen tellen, op alle niveaus samen. Tegen 2034 zal het aantal schoolgaande kinderen en jongeren naar verwachting afnemen (Gewestelijke gegevens volgens cijfers van het Federaal Planbureau en Statbel, 2025):
-6 % minder kinderen in het kleuteronderwijs (-2.700)
-20 % in het basisonderwijs (-19.000)
-12 % in het secundair onderwijs (-11.000)
Tegelijkertijd wordt een relatieve stijging van het aantal kinderen jonger dan drie jaar verwacht. Die ontwikkelingen pleiten voor een flexibel beheer van de schoolinfrastructuur, die zich kan aanpassen aan de veranderende behoeften per regio en per periode.
Een grote, voortdurende inspanning om nieuwe plaatsen te creëren sinds 2010 Om tegemoet te komen aan de groei van het aantal leerlingen in het verleden, heeft het gewest een structurerende opvolgingstool ontwikkeld: de monitoring van vraag en aanbod in het onderwijs, ontwikkeld door de Dienst Scholen en Studentenleven van perspective.brussels.
Sinds 2010 laat die monitoring een aanhoudende inspanning zien om nieuwe schoolplaatsen te creëren. 67.206 plaatsen werden gecreëerd of gepland in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest:
bijna 31.000 plaatsen in het basisonderwijs;
ongeveer 21.000 plaatsen in het secundair onderwijs;
er zijn bijna 15.000 extra plaatsen gepland tussen nu en 2035.
Dankzij die gezamenlijke inspanning van de organiserende instanties en de twee gemeenschappen, de Franstalige en de Nederlandstalige, kon over het algemeen worden ingespeeld op de sterke groei van de schoolbevolking die de afgelopen jaren werd waargenomen, met name in het basisonderwijs.
Bron: Monitoring van de projecten om schoolplaatsen te creëren – december 2025 – Dienst Scholen en Studentenleven, perspective.brussels
Afnemende behoeften op gewestelijk niveau, maar aanhoudende lokale spanningen
De demografische afname betekent niet dat er geen behoefte meer is aan schoolplaatsen. Er blijven territoriale onevenwichtigheden bestaan, die vandaag de dag de voornaamste uitdaging vormen.
Sommige gemeenten en wijken blijven onder druk staan, met name:
in het noorden en het westen van het gewest;
in vastgoedontwikkelingsgebieden, waar het aantal inwoners toeneemt.
De logica verschilt naargelang het onderwijsniveau.
In het basisonderwijs is het de uitdaging om een school in de buurt van de woonplaats te garanderen, in het kader van de buurtstad.
In het secundair onderwijs is de mobiliteit van leerlingen bepalend voor de toegankelijkheid van het openbaar vervoer. Sommige geplande projecten hebben bovendien vertraging opgelopen of werden stopgezet.
Er wordt momenteel een studie uitgevoerd om de behoefte aan plaatsen in het beroepsgericht secundair onderwijs tegen 2035 te actualiseren. Zo kunnen we vaststellen welke gebieden en studierichtingen nog steeds onder druk staan, met name voor dit segment van het onderwijsaanbod.
De kwaliteit van de schoolinfrastructuur, een cruciale uitdaging
Vandaag gaat het niet meer alleen om het aantal te creëren plaatsen. De kwaliteit van de schoolinfrastructuur wordt net zo essentieel.
In het Brussels Gewest zijn schoolgebouwen verouderd, soms overbezet en hebben ze collectieve ruimtes verloren door de noodzaak om snel extra plaatsen te creëren.
De prioriteiten zijn duidelijk:
de schoolgebouwen renoveren om te voorkomen dat bestaande plaatsen verloren gaan;
de opvangomstandigheden voor leerlingen verbeteren;
elk kind een kwalitatief hoogstaande, aangepaste en duurzame school garanderen.
In het secundair onderwijs hebben sommige scholen nog plaatsen beschikbaar, maar die blijven weinig aantrekkelijk. Het blijft een uitdaging om die plaatsen opnieuw te mobiliseren, met name door de schoolomgeving te verbeteren.